Overslaan en naar de inhoud gaan
Interview
23 oktober 2026

Hans-Peter doneerde stamcellen. Zijn zoon Koen wist daarna één ding zeker: ‘Als ik 18 word, meld ik me aan’

Hans-Peter meldt zich jaren geleden aan als stamceldonor na een patiëntenoproep in de krant. Ongeveer vier jaar geleden werd hij gebeld: hij was een potentiële match en blijkt uiteindelijk de beste match te zijn. Later ontvangt hij een brief van de patiënt voor wie hij gedoneerd heeft. Dit vertelt hij aan zijn zoon Koen, die op zijn beurt direct beslist om zich meteen op zijn 18e aan te melden.

Een oproep in de krant

Voor Hans-Peter is het lang geleden dat hij zich heeft aangemeld.Hij zag een oproep in de krant van iemand die dringend een stamceldonor nodig had en meldde zich aan. Sindsdien wist hij dat hij misschien ooit gebeld zou worden als potentiële match.

Plotseling gebeld

Dan, zo'n vier jaar geleden, krijgt Hans-Peter een telefoontje. Hij is een potentiële match. 

"Je hebt je opgegeven omdat je iets voor iemand wil betekenen. En dan word je gebeld. Dat is gaaf."

Het proces verloopt stap voor stap. Na elke stap bevestig je opnieuw of je door wilt gaan. Voor Hans-Peter zal de stamceldonatie via het bloed gaan, zoals in de meeste gevallen. Wil je hier meer over weten? Klik dan hier

De donatie zelf

In de week naar de stamceldonatie spuit Hans-Peter zichzelf dagelijks in met een lichaamseigen stof om de stamcelproductie te stimuleren. Na een paar dagen voelt hij een soort pijn. "Volgens mij is het begonnen, dacht ik toen." Drie paracetamol per dag halen de scherpe kantjes eraf.

Op de dag van de donatie zit hij in een stoel terwijl de stamcellen uit zijn bloed worden gefilterd. Hij had zich voorbereid op een lange dag, had muziek meegenomen. Maar voor de middag is hij al klaar. Zijn lichaam produceert zoveel stamcellen dat het proces sneller verloopt dan verwacht.

"Ik had me voorbereid op acht uur. Binnen vier uur was ik buiten. Het viel me honderd procent mee."

Na de donatie zijn de bijwerkingen direct weg. Hans-Peter gaat terug naar zijn normale leven.

Een brief, een jaar later

Een jaar na de donatie ontvangt Hans-Peter een brief. De patiënt is een man in de zestig. De brief is tegelijk afstandelijk en persoonlijk, want de regels rondom donor-patiëntcontact zijn strikt. Maar de boodschap is helder: een tweede kans, eeuwig dankbaar.

Ben je benieuwd wat je nou wel en niet in zo'n brief mag zetten? En waarom mogen patiënten en stamceldonoren elkaar eigenlijk niet ontmoeten? Luister dan naar de podcastaflevering 'Donor-patiënt contact: Wat is er mogelijk?' via [Spotify](https://open.spotify.com/show/38H4D2B0VuFawPNOl1dzuE) of [Apple Podcasts](https://podcasts.apple.com/us/podcast/match-van-je-leven/id1705216313).

Zoon Koen meldt zich aan

Hans-Peter vertelt zijn zoon Koen over de donatie, de brief en wat het voor hem heeft betekend. Koen is geraakt. "Als ik 18 word, meld ik me aan." Hans-Peter heeft de afspraak onthouden. 

Voor de verjaardag van Koen bedenkt Hans-Peter iets bijzonders. Hij legt vooraf folders van Matchis op tafel. Als zijn vrienden en familie binnenkomen, krijgt iedereen twee festivalbandjes met de naam ‘Matchis’ erop: één voor zichzelf, één om weg te geven aan iemand in zijn/haar omgeving.

Enkele vrienden van Koen waren zelf bijna 18. Ook zij gaan zich meteen aanmelden zodra dit kan, net zoals Koen!

Waarom stamceldonoren zo hard nodig zijn

Hans-Peter heeft één boodschap voor iedereen die twijfelt.

Op het krijgen van kinderen na was dit het allerbeste gevoel dat ik in mijn leven heb gehad. Hans-Peter