Matchis headerafbeelding Matchis headerafbeelding

Wie kan stamceldonor worden

Iedereen die aan de gezondheidseisen voldoet, in Nederland woont en tussen de 18 en 50 jaar oud is, kan zich aanmelden als stamceldonor.

Aanmelden als stamceldonor

Je kunt je registreren als stamceldonor als je tussen de 18 en 50 jaar bent. Je kunt donor worden als je hetero, homo, bi, lesbisch of transgender bent. Om stamcellen te kunnen doneren moet je minimaal 50 kilo wegen en een BMI tussen de 18 en 30 hebben. 

Als een donor te licht is kunnen we vaak onvoldoende stamcellen uit het lichaam halen om de patiënt te helpen. Bij een te hoog BMI moet er meer van het medicijn worden toegediend dat zorgt dat de stamcellen naar de bloedbaan gaan. Dit zou voor jou als donor onnodige risico’s met zich mee kunnen brengen. Bovendien is uit onderzoek bekend dat zwaardere donoren meer bijwerkingen hebben van de donatie.

De maximumleeftijd is 50 jaar. Dit is omdat de kwaliteit van de stamcellen na die leeftijd merkbaar afneemt, terwijl de risico’s van een stamceldonatie juist toenemen. Verder laat onderzoek zien dat de stamcellen van jongere donoren (het liefst tussen de 18 en 35 jaar) betere transplantatieresultaten geven bij de patiënt.

We hebben deze regels omdat wij verantwoordelijk zijn voor de donor, niemand is erbij geholpen als er complicaties ontstaan die voorkomen konden worden.

Ik slik medicatie of heb een medische aandoening, mag ik stamceldonor worden?
Het slikken van paracetamol, de pil, of medicatie tegen ADD of ADHD is geen bezwaar, je kunt je aanmelden als stamceldonor. Bij ander dagelijks medicatie gebruik kun je in de meeste gevallen geen stamceldonor worden.

Als je een van de onderstaande vragen met ‘ja’ moet beantwoorden kun je helaas geen stamceldonor worden. Je kunt wel in actie komen en ons steunen.

Twijfel je over een antwoord? Neem dan contact op met ons via onze contactpagina.

  • Voorbeelden zijn:
    • Cholesterol met medicatie (ook familiaire hypercholesterolemie)
    • Hartinfarct, hartaanval, beroerte, CVA of TIA in het verleden
    • Hartritmestoornis waarvoor dagelijks medicatie wordt gebruikt
    • Klachten van pijn op de borst of ernstige kortademigheid bij inspanning
  • COPD is een verzamelnaam voor longemfyseem, chronische bronchitis en andere chronische longaandoeningen.
  • Bij deze uitzondering mag je “nee” antwoorden op deze vraag:
    • Af en toe gebruik van medicatie tegen astma (bijvoorbeeld voor het sporten)
  • Met een stabiele schildklieraandoening bedoelen we dat de dosis medicatie twee jaar of langer hetzelfde is en je er geen klachten meer van hebt.
  • Voorbeelden zijn:
    • Chronische darmontsteking (zoals de ziekte van Cröhn of Colitis ulcerosa)
    • Coeliakie
    • Creutzfeldt Jakob
    • Diabetes (type 1 & 2)
    • Epilepsie
    • Fibromyalgie
    • Huntington
    • Hypermobiliteit (Ehlers Danlos Syndroom)
    • ME/ Chronisch Vermoeidheid Syndroom
    • Multiple Sclerose (MS)
    • Nierziekte
    • Osteopenie (met breuken)
    • Osteoporose
    • Psoriasis
    • Reuma
  • Heb je een chronische lichamelijke aandoening die niet in bovenstaande lijst staat, neem dan contact op via ons contactformulier
  • Voorbeelden zijn:
    • Factor V Leiden
    • Thalassemie (zie uitzonderingen)
    • G6PD- deficientie
    • Iedere vorm van bloedkanker (leukemie, lymfoom etc., ook als dit in het verleden was)
  • Bij deze uitzonderingen mag je “nee” antwoorden op deze vraag:
    • Bloedarmoede (als gevolg van bijvoorbeeld ijzergebrek) van tijdelijke aard.
    • Dragerschap van thalassemie, als je hier helemaal geen klachten van hebt en daardoor geen medicijnen gebruikt of bloedtransfusies krijgt.

Heb je een bloedziekte die niet in bovenstaande lijst staat, neem dan contact op via ons contactformulier

  • Voorbeelden zijn:
    • Als je antistolling (bijvoorbeeld aspirine, plavix, heparine- of fraxiparine-injecties of medicatie via de trombosedienst) gebruikt of hebt gebruikt.
  • Bij deze uitzondering mag je “nee” antwoorden op deze vraag:
    • Als je ooit, standaard na een operatie, uit voorzorg met antistollingsmedicatie bent behandeld.
  • Bij deze uitzonderingen mag je “nee” antwoorden op deze vraag:
    • Wanneer je als kind geelzucht hebt gehad met milde klachten en volledig hersteld bent zonder behandeling. Dit is dan waarschijnlijk veroorzaakt door het hepatitis A-virus.
    • Als je volledig genezen bent van een hepatiti B-infectie.
    • Als je volledig genezen bent van syfilis.
    • Als je een “fout positieve” test van de bloedbank hebt gehad.
  • Indien je ooit een vorm van kanker hebt gehad kun je helaas geen stamceldonor worden. Ook wanneer je door jouw eigen arts genezen verklaard bent, is het niet mogelijk stamceldonor te worden.
  • Bij deze uitzonderingen mag je “nee” antwoorden op deze vraag:
    • Basaalcelcarcinoom
    • Voorstadium van baarmoederhalskanker
    • Een afwijkende uitslag van een uitstrijkje (tot en met PAP 4)
  • Voorbeelden zijn:
    • Een allergie waarvoor dagelijks, gedurende het hele jaar medicatie nodig is.
    • Een allergie waarbij ooit een levensbedreigende reactie is opgetreden
    • Een allergie waarvoor je uit voorzorg een epipen hebt.
  • Bij deze uitzondering mag je “nee” antwoorden op deze vraag:
    • Seizoensgebonden allergie (bijvoorbeeld hooikoorts)
  • Voorbeelden zijn:
    • Migraine die je belemmert in je dagelijks functioneren
    • Meer dan twee migraineaanvallen per maand
  • Bij deze uitzondering mag je “nee” antwoorden op deze vraag:
    • Het gebruik van bijvoorbeeld bètablokkers ter voorkoming van migraine, mits er niet meer dan twee aanvallen per maand zijn.
  • Onderstaand gedrag geeft statistisch een verhoogd risico op hepatitis, syfilis en HIV (AIDS). Om de ontvangers van stamcellen te beschermen tegen deze ziektes kun je met dit gedrag niet registreren als stamceldonor. Voorbeelden zijn:
    • Het gebruik van een naald om drugs bij jezelf toe te dienen
    • Seksueel contact in ruil voor drugs of geld
    • Vaak wisselende, onbeschermde seksuele contacten
    • Seksueel contact met iemand uit een gebied waar HIV (AIDS) veel voorkomt (zoals landen ten zuiden van de sahara)
    • Seksueel contact met mensen die besmet zijn met HIV (AIDS) of die een hoog risico op HIV (AIDS) hebben

Onze website maakt gebruik van cookies om het gebruik en functionaliteit te waarborgen. Meer informatie hierover vindt u op onze cookie instellingen pagina.

OK